DEZE SITE IS VERHUIST

Posts tonen met het label VS. Alle posts tonen
Posts tonen met het label VS. Alle posts tonen

donderdag 13 februari 2014

Leren van de Black Panthers

Black Panther voedselprogramma
Het verhaal van de Black Panthers is indrukwekkend en inspirerend. Zodanig zelfs dat hier in aanraking mee komen er voor zorgt dat je opnieuw na gaat denken over hoe je actief bent en organiseert. Woensdag avond draaide de Internationale Socialisten Amsterdam de film 'The Black Power Mixtape', waarin de opkomst en de ondergang van de Black Power beweging gedocumenteerd was vanuit een unieke invalshoek. Daarover valt zeer veel te zeggen: met 90 mensen was het goed bezocht en een mooie opmaat naar de antiracismedemonstratie op 22 maart. Bij mij wierp de film echter nog een vraag op: hoe concreet moet je activisme zijn?

Als grap zou ik kunnen zeggen dat Black Panthers niet echt vaak naar Nederland komen, behalve dan voor de IS. De vorige keer dat een Black Panther in Nederland was, was dat David Hilliard. Ook hij kwam naar het Marxisme Festival. Hij legde continu de nadruk op de aloude organisatiemethode van de Black Panthers: organiseer dingen voor je gemeenschap zoals eten, zorg, onderwijs, enzovoorts. Bij deze voorzieningen moet je denken aan een ghetto als Harlem in New York dat er vóór de Black Power beweging er nog vele malen erger voor stond dan nu.

De Universitaire Activisten, een activisten-club waar de IS toen ook bij betrokken was, raakten zo geïnspireerd dat velen het idee opvatten om vervolgens aan de witte studenten op de UvA eten te gaan uitdelen. Als IS hebben wij daar toen hard tegen gepleit. Niet alleen hadden we met onze weinige middelen belangrijker werk te doen, maar daarnaast verschilde de omstandigheden van de blanke UvA-student in 2007 radicaal met die van een zwarte ghettobewoner in 1970. Wat de Black Panthers de ghettobewoners bood hadden de studenten al (eten), of de staat bood het hen aan via een verzorgingsstaat, zoals onderwijs en zorg.

Er is niets mis met inspiratie opdoen van eerdere bewegingen, maar het is wel handig het marxistische adagium te volgen: een concrete analyse maken van een concrete situatie. Oftewel: niet rücksichtslos kopiëren van een andere situatie. Echter, de situatie in Nederland is weer danig oninspirerend, en links hier zo onderontwikkeld, dat trends vanuit het buitenland hier toch wel (alhoewel met enige jaren vertraging) meestal wèl heen gekopieerd worden. Vervolgens zijn activisten dus bezig met de verkeerde gereedschappen, om het maar zo te stellen, want ze zijn niet geschapen voor de specifiek Nederlandse omstandigheden.

Gister was er dus weer die confrontatie met de Black Panther methode. Het deed me terugdenken aan een kritiek die ik had gekregen van een kameraad uit Amsterdam West. Wat biedt de IS nu concreet voor jongeren in West? Mijn antwoord was het grote verhaal: een efficiënte manier van organiseren zodat je kan interveniëren in strijd als het losbarst, goed kunnen mobiliseren, principieel socialistisch zijn enzoverder enzoverder. Ik zal het niet helemaal uiteenzetten, maar hij was er niet helemaal tevreden mee.

Voor een organisatie als de IS is dat grote verhaal het belangrijkste en voornaamste. Voor de duidelijkheid: het lijkt me geen goed idee als de IS zich bezig gaat houden met zelfhulp zoals bijvoorbeeld Vrouwen Tegen Uitzetting dat doet. Dat is te beperkt. VTU doet prima werk en helpt veel mensen, maar de problemen in de wereld moet je in de eerste plaats proberen uit te roeien, niet verzachten. Daarvoor moet je a) een idee hebben waar die problemen vandaan komen b) een idee hebben van hoe je dat fundamenteel aanpakt en c) daartoe een krachtige organisatie en beweging toe weten op te bouwen. Echter, wat we concreet bieden, dat moeten we niet uit het oog verliezen. Op dit moment is dat tamelijk weinig.
Black Panther kledingvoorziening

Het zou goed zijn als wij als kameraden elkaar beter weten te ondersteunen bij vraagstukken als: hoe confronteer je een racistische agent op straat? Hoe ga je om met een seksistische collega? Hoe bundel je onvrede op je werk in een actie tegen je baas? Het zijn dat soort dingen die niet meteen op het niveau liggen van 'hoe bouwen de de volgende massa-demo' maar het zijn belangrijke kwesties waar iedere werker en student zich voor geplaatst ziet. Wij praten hier uiteraard wel over onderling. Op mij werk heb ik ruimte kunnen bevechten en een voor mij zeer voordelige regeling kunnen treffen door de baas bang voor mij te maken. Na het een en ander aan subtiele verwijzingen zoals 'Google mijn naam maar eens' liet ik her en der wat 'grapjes' vallen. 'Ach ja, als het me niet bevalt, dan sta ik hier morgen met 30 gemaskerde idioten voor de deur'. En zo zijn er veel meer voorbeelden. Gister na de bijeenkomst vertelde een andere kameraad, toen we het hier over hadden, ook met veel plezier over hoe hij met wat andere collega's ooit een racist op zijn werk het zwijgen had opgelegd door hem even apart te nemen.

De Britse Socialist Workers Party (ja, ik haal hun als een voorbeeld aan) hebben een brochure die tamelijk gedetailleerd ingaat op hoe je je op je werk kan positioneren als vakbondslid. Welke stappen je moet nemen, welke rechten je hebt, hoe je discussies aan kan gaan, hoe je je moet verhouden tot de bond en je baas, etc. etc. Het is een zeer leerzame brochure, gebaseerd op jaren ervaring die SWP'ers hebben met dat werk. De partij heeft die ervaring gecentraliseerd (een voorname functie van centralisme is het centraliseren van ervaringen) en gebundeld in de brochure. Dit is zeker een goed voorbeeld van hoe je als socialistische organisatie je leden iets concreet kan bieden, 'waar men concreet iets aan heeft'.

Me dunkt dat we hier wat van kunnen leren. We kunnen onszelf veel concrete lessen en handvaten bieden voor problemen die je als socialist, alleen of gezamenlijk, alledaags tegenkomt. Wederom, socialisten moeten vooral hun aandacht gericht houden op de revolutie en bezig zijn met de totaalstrijd. Uiteindelijk is dat het enige waar de werkende klasse als geheel op de lange termijn concreet iets aan heeft. Maar dat concrete in het hier en nu moeten we niet uit het oog verliezen. Tijd om hier eens wat verder over na te denken. Of ben ik nu weer te veel beïnvloed door de Panthers?

maandag 16 september 2013

Pavlovreacties op Syrië

Een van de vele gedocumenteerde executies door het aan Al Kaida gelieerde Al Noesra front

Er valt veel interessants te halen uit de discussie over interventie in Syrië. Zoals altijd is er de discussie an sich, en een aantal dingen die er onder de oppervlakte spelen. Het zijn vooral die dingen onder de oppervlakte die mij interesseren. Aan het eind zal ik ook ingaan op de daadwerkelijke discussie en onder andere laten zien dat interventie breder moet worden gezien dan het nu wordt gezien.

Een kameraad van me, Tayfun, heeft zich een aantal keer uitgesproken vóór een interventie in Syrië. Dat terwijl hij net als ik lid is van de IS en de IS duidelijk uitdraagt tegen een interventie in Syrië te zijn, in de IS publicaties De Socialist, Socialisme.nu en op een aantal acties en demonstraties. En toch gaat Tayfun er publiekelijk tegenin, met onderbouwing. Dat getuigt van een vertrouwen in de eigen overtuiging en een durf die iedere goede revolutionair kenmerken.

In het proces doet Tayfun (ik ben nog niet ingegaan op zijn standpunten) de IS en revolutionair-socialistisch links een dienst. Want hij laat zo zien dat de IS het niet à priori altijd met zichzelf eens is, en dat we al weten wat we ergens van vinden nog voor dat het gebeurd is. Hij laat zo zien dat wij bedenken wat we ergens van vinden in een gezamenlijke discussie, waarin afwijkende standpunten juist een uitgesproken rol hebben. Zo is zijn kritiek op de IS-lijn een onderdeel van het afbreken van de vooroordelen die er over de IS zijn, dat er vast dogma zou zijn waar we ons allemaal strak aan houden, en bovendien dat er een centrum is dat conformiteit kan afdwingen.

Langzaam zal ik nu toewerken naar de punten die Tayfun maakt en die in de discussie naar voren komen. De titel van zijn laatste artikel op dit punt is 'Pavlov bij Syrië'. Was dat maar waar, denk ik dan, dat links een Pavlov-reactie had op wapengekletter. In plaats daarvan heeft links aangevoerd door de sociaaldemocratie in de brede zin des woords de traditie opgebouwd om de eigen natiestaat te steunen als het gaat om oorlog, een traditie die (zou je kunnen zeggen) teruggaat tot het verraad van de SPD in 1914 toen die instemden met geld bestemd voor de Eerste Wereldoorlog. Bij tijd en wijle zijn alleen de revolutionair-socialisten anti-imperialisten, maar helaas: net zo vaak hebben (grote) delen van het revolutionaire socialisme imperialisme van de ene of andere vorm gesteund, zoals bijvoorbeeld het verovering van Oost-Europa door de USSR. Of China tegen Vietnam. Of in Angola. Enzoverder.

Een Pavlovreactie is er echter wel, en dat is die van het revolutionaire purisme, en dit is wel degelijk iets wat revolutionair links zich aan zou moeten trekken. Deze Pavlovreactie is ook nogal eens te vinden in het centrum van de IS. De revolutionair puristische reactie is het verklaren dat één standpunt aangaande Syrië de juiste is, dat het (niet geheel toevallig) het eigen standpunt is, dat dit bovendien het legitieme want orthodoxe standpunt is (onder verwijzing naar Lenins anti-imperialisme). Verder, dat (simpel gesteld) het niet delen van dit standpunt a) een verraad is van de Syrische revolutie en werkende klasse b) een verraad is van revolutie in zijn algemeenheid.

Met andere woorden, het is weer eens 1917 in ons hoofd, we staan nu letterlijk op de barricade in Sint-Petersburg: zwart-wit, ben je met ons, of ben je tegen ons? De heftigheid van de situatie in Syrië stuurt ons ook snel natuurlijk deze kant op. Zo wordt de burgeroorlog in Syrie nu ook uitgevochten over keukentafels, of vanachter computers. Verkeerde standpunt? Bloed aan je handen. Maar dat is niet hoe het werkt.

In de eerste plaats zijn wij niet in Syrie, en is er geen burgeroorlog hier gaande. We zijn gewoon brave activistjes, en proberen een grotendeels apathische werkende klasse in beweging te helpen. De situatie kon haast niet meer verschillen van Syrië. Tot bijzonder grote hoogte maakt het voor Syrië geen ene donder uit wat wij er van vinden, en dat legt ons een zekere bescheidenheid op in de discussie.

Anderzijds is het purisme stomweg verkeerd. Het is een punt dat ik eerder en vaker gemaakt heb hier op dit blog. Purisme laat mensen de vooroordelen over de IS geloven. Wat dat betreft dus sympathiseer ik meer met de kameraad die het heterodoxe standpunt maakt, dan met de kameraad die het orthodoxe standpunt maakt. Purisme schaadt de IS. Anderzijds is purisme niet historisch correct. Het is niet marxistisch om te zoeken naar een perfect standpunt, en dat te gaan verafgoden als een fetisj.

In de historische ontwikkeling is namelijk niet de kennis van het juiste pad doorslaggevend voor een de juiste revolutionaire ontwikkeling. Revolutionairen die dat vinden zijn geen marxisten maar Confucianen op zoek naar de Dao. Het lichtend voorbeeld is wat mij betreft als het gaat om heterodoxie altijd geweest de Parijse Commune: de oorlogsgezinde stroming, vóór de verdediging van Frankrijk, vóór de verheven culturele normen van Frankrijk en met name Parijs, was uiteindelijk de revolutionaire stroming.

In de dialectiek van de crisis van Parijs in 1870-1871 ontwikkelde zich een socialistische revolutie en ontwikkelden meer 'moderne' socialistische idealen; maar die idealen gingen niet vooraf aan de revolutie. Net zoals dat de Bolsjewieken in 1917 de macht konden nemen zonder kennis genomen te hebben van onze fijngevoelige postmoderne politieke correctheden. Net zoals dat genoeg revolutionairen van 1917 in de jaren er aan voorafgaand de oorlog steunden. Ook dit zou dus bescheidenheid in de discussie over Syrië rechtvaardigen.

Om nu even te gaan naar het werkelijke stuk van Tayfun. Een van de dingen die hij zegt is: 'Maar voor sommige – waaronder veel linkse - mensen lijkt 'anti-imperialisme' belangrijker dan het stoppen van genocidaal geweld.' De manier waarop oude socialisten met eeuwige waarheden de discussie over interventie inspringen is inderdaad sneu. Want er worden wel degelijk argumenten aangevoerd en die verdienen het om bestudeerd te worden. Met eeuwige waarheden leren we bovendien niets en wordt de dialectiek doodgeslagen.

Tayfun wijst op het verschil tussen Irak in 2003 en Syrië in 2013. Ik zal hier even verbatim een deel overnemen. Let van tevoren sowieso op de diepgang van deze opmerking: 'Assad heeft meer Arabieren vermoord dan Israël sinds 1948'. Dat slaat in als een bom.

'Maar goed, laat ik toch nog een poging wagen. Syrië in 2013 is geen Irak in 2003. Ik was tegen de militaire invasie in Irak. Die Amerikaanse inval sloeg helemaal nergens op. Ten eerste, zoals we allemaal weten, zijn er nooit massavernietigingswapens gevonden in Irak, hetgeen de aangevoerde reden was van Amerika om Irak binnen te vallen. In Syrië zijn massavernietigingswapens al meerdere keren gebruikt. Trouwens, je hebt geen chemische wapens nodig om massa's af te slachten, dat kan en gebeurt ook met conventionele wapens in Syrië: Russische Migs, helikopters en tanks voeren willekeurige bombardementen uit onder de bevolking. Hele wijken worden platgebombardeerd met het doel om mensen in het beste geval (sprekend vanuit een genocidale moraliteit) te doden of zodanig te terroriseren dat ze vluchten en nooit meer terugkomen.

Ten tweede vormde Irak in 2003 totaal geen bedreiging voor de regio. Het was een naar binnen gekeerd land, dat zwaar gebukt ging onder de sancties van de VN. We zien vandaag dat de Syrische burgeroorlog een overspill effect heeft in Libanon en Turkije. Het Syrische regime doet alles om aan de macht te blijven. Libanon is bijvoorbeeld nooit als een onafhankelijk land beschouwd en via Hezbollah heeft het regime zich altijd in de Libanese politiek gemengd. Dat werpt nu zijn 'vruchten' af, want Hezbollah’s tegenprestatie is een heuse militaire interventie in de Syrische burgeroorlog, waar mensen die nu zo tegen interventie zijn weinig reuring over hebben gemaakt.

Wat betreft Turkije is de politiek van het Syrische regime altijd steun aan de Koerdische PKK geweest. Nu Turkije onderhandelt met de PKK en eindelijk vrede lijkt te bereiken met de Koerden, speelt het Syrische regime de Alevitische en christelijke kaart (respectievelijk; het openlijk aanwakkeren van sektarische gevoeligheden via de Turkse oppositiepartij CHP (die een significante alevitische achterban heeft); het regime zinspeelt bewust op de angstgevoelens van de christenen door de horror van de Armeense holocaust uit 1915 op te rakelen, immers, "waren het niet de Turken die de Armeense genocide hebben gepleegd en die nu al die 'terroristen' van de FSA steunen?" Met andere woorden, dezelfde verdeel- en heerstactieken die het regime heeft overgeërfd van de Franse tijd (1919-1946) én intern gebruikt om overeind te blijven.

Last but not least, in 2003 was er in Irak geen burgeroorlog met meer dan 100.000 dodelijke slachtoffers (Assad heeft meer Arabieren vermoord dan Israël sinds 1948); meer dan 100.000 mensen die worden vermist (hoogstwaarschijnlijk dood of in overvolle martelkelders); 2 miljoen vluchtelingen in buurlanden en 6 miljoen internally displaced persons.'

Inderdaad, Irak lijkt niet op Syrië. Maar, dus? Dat brengt ons nog niet verder: het ontkracht slechts voor een deel de argumenten van de anti-imperialistische socialisten. Het is daarmee nog geen argument vóór interventie. Er zou verwezen kunnen worden naar andere oorlogen, maar hier is ook een gemengd beeld. Aan de ene kant zou men kunnen verwijzen naar Joegoslavië, waar (met veel goede wil) een interventie in zekere zin bijdroeg aan het beëindigen van een slachting.

Aan de andere kant zou men kunnen verwijzen naar de Tweede Wereldoorlog. De geallieerden voorkwamen niet een slachting, door de infrastructuur van de Holocaust te bombarderen (treinsporen): in plaats daarvan gingen ze meedoen aan de slachting, met als dieptepunten de bombardementen van Dresden en de kernbommen op Japan, waarvan bekend is dat deze waarschuwingsschoten waren in de richting van de USSR ter voorbereiding van de Koude Oorlog. Met dit als historische achtergrond zijn er toch wel zeer specifieke argumenten nodig waarom een interventie dus zou bijdragen aan het beëindigen van een slachting.

Dan is er nog een Pavlov-reactie die ik zie bij Tayfun zelf, namelijk, de activistische reactie. De activistische reactie bestaat uit het idee dat onrecht valt recht te zetten, altijd en dat dat ook de gezamenlijke verantwoordelijkheid is van activisten en, tsja wie niet, de mensheid in zijn algemeenheid. Waar een wil is, is een weg. Dit is geen ongezonde houding voor een socialist, maar soms lijdt het tot mijns inziens verkeerde conclusies, zoals het steunen van het idee van een interventie. Want soms is er gewoon geen mogelijkheid.

De activistische reactie heb ik in veel vormen gezien en gehoord. Zo was er een ramp in Birma, ik weet niet meer precies wat, een orkaan geloof ik. Vreselijk menselijk lijden, en het was op TV. Dus zegt een kameraad: wat gaat de IS hier aan doen? Ja weet ik veel, enorm tragisch: maar wat valt er aan te doen? Demonstreren tegen het weer? In dat geval zou je zeggen: eisen van de kapitalistische staat dat het een aantal boten volstouwt met tenten, kleren, eten en drinken, hoppa naar Burma en dat scheelt die mensen daar. Maar dat zou niet het lijden daar beëindigen. Want dat werd uiteindelijk voor een belangrijk deel veroorzaakt door factoren die buiten onze macht liggen: het gestoorde Birmese systeem zelf, dat een natuurlijke ramp een menselijke ramp maakte. Dat lag dus buiten onze macht: de middelen waren niet afdoende.

Maar dit bovenstaande verdraaid de situatie natuurlijk nog wel. Want het is niet zo dat wij burgers democratisch kunnen besluiten dat de staat dan belangenvrij een boot vol met goederen stuurt. Nee, ook dit is een werkelijke interventie. Hulp is altijd gebonden aan voorwaarden: onvoorwaardelijke hulp bestaat niet, omdat hulp een afhankelijkheidsrelatie creëert. Westerse regeringen zullen, zoals ze bij mijn weet bij alle hulp altijd hebben gedaan, politieke en of economische voorwaarden verbinden aan de hulp. Het steunen van die boot naar Burma, wat de meeste lezers bij de eerste lezing een goed idee gevonden zullen hebben, is dus steun voor een Westerse interventie.

Zo bezien is het dus onjuist om iedere interventie van de hand te wijzen: zo bezien moet je dus bij iedere interventie opnieuw beargumenteren waarom wel of waarom niet. Er is geen harde scheiding tussen bijvoorbeeld neokoloniaal militair ingrijpen in Afrika en progressieve ontwikkelingshulp aldaar, en de Nederlandse staat laat de twee bewust in elkaar overvloeien op het moment, door taken van defensie in het buitenland onder het kopje 'ontwikkelingshulp' te scharen.

Dus: wat is het uiteindelijke argument tegen westerse interventie in Syrië, uitgaande van de volgende doelstellingen: 1) Val van Assad bespoedigen 2) democratische en sociale ontwikkeling verstevigen 3) menselijk lijden verminderen ? Ik denk dat we hiervoor eerst nog een hele andere vraag moeten beantwoorden: kan de Syrische revolutie nog wel winnen? Dat is een beetje het hete hangijzer.

Het is een gevecht dat zeer onbevangen is aangegaan, dat is duidelijk. Er is een bekend marxistisch gezegde dat luid 'niets bloediger dan een verloren revolutie'. Dat is in dit geval helaas waarheid geworden. De macht om Assad om ver te werpen licht bij de werkenden en armen van Syrië. Maar nog voor dat zij in hun protesten zich goed en wel konden organiseren, en het regime voldoende aan legitimiteit en macht had verloren, greep Assad naar extreem geweld en duwde zo de revolutie naar het militaire vlak. En toen zat de revolutie, stomweg, in de shit. Toen was er geen mooie uitweg meer.

In mijn optiek was de revolutie toen nagenoeg verloren en was de kans dat hier onafhankelijke organisaties van werkenden de macht gingen grijpen nagenoeg verkeken. Het zou een bloedige burgeroorlog worden, waar beide kanten gruwelijkheden zouden begaan. De gifgasaanvallen zijn slechts één moment hier in. In zo'n burgeroorlog verdwijnen uiteindelijk ook tot op een bepaalde hoogte altijd noties van goed en kwaad, en spiegelen de kanten zich aan elkaar.

In de Nederlandse burgeroorlog, ook wel De Opstand genoemd, verdwenen ook noties van goed of kwaad, en werd het in zekere zin een wederzijdse slachting van machtswellustige blokken. De opstandelingen begingen gruweldaden, zoals standrechtelijke executies en plunderingen. Inwoners van de Zuidelijke Nederlanden schaarden zich in het begin van de 17e eeuw zo achter het bewind in Brussel, omdat die het best voor hun belang op leken te komen. Toen was de kans op een vereniging van Noord en Zuid nagenoeg bekeken, en daarmee de kans van een volledig slagen van de Nederlandse revolutie verkeken.

Maar tenminste was er toen een front, waarlangs men De Nederlanden kon opknippen in wat ongeveer Nederland en België zou worden. In Syrië is er geen front; er zijn niet twee partijen, maar vele. Het land opknippen zou slechts uitstel van executie zijn en wachten op nieuw conflict, afgezien van Koerdisch Syrië dat zich met Koerdisch Irak zou kunnen verenigen. De enige vrede zou een gewapende vrede kunnen zijn van die factie, die sterk genoeg is om alle andere er onder te houden. Dat is ofwel Assad met de steun van Iran en Rusland, ofwel bepaalde delen van de oppositie met de steun van de VS en hun bondgenoten. Hoe dan ook verliezen dan de werkenden, want de winnaars zullen van de situatie gebruik maken om Syrië te hervormen naar hun wensen, en oppositie de kop in te drukken. De oorlogsschade is niet ongedaan en de doden komen niet meer tot leven.

En dus is er stomweg geen oplossing, en zeker niet een waar wij voor kunnen demonstreren in de hoop dat de regering die uitvoert. Het beste zou nog zijn dat onze regering zich afzijdig houdt, en dat we als socialisten solidair zijn met werkers en socialisten die zich organiseren in Syrië, in de hoop dat zij iets van de organisatie overeind kunnen houden; dat we proberen wapentransporten richting de oorlog in Syrië tegen te houden, om een verdere escalatie tegen te werken. Ondanks onze Pavlov-reactie, dat er voor ieder probleem een oplossing is en dat het onze verantwoordelijkheid is om daarvoor te zorgen.

woensdag 10 april 2013

Playa del Carmen: zon, zee en maffia?

Er is mij gezegd dat men hier niet aan politiek doet of wat dan ook. Als je behoort tot het blanke feestgedruis is er inderdaad weinig politiek te bespeuren. Tot ik hier in Playa op de muur Que los ricos paguen la CRISIS.... zag, geloofde ik het tot op zekere hoogte. Toen ben ik wat beter gaan kijken en met meer lokale mensen gaan praten. Mede om nu eens wat verder te gaan dan de doorgaanse domme antwoorden die men geeft als je vraagt naar hun vakantie: 'Wat een mooi strand joh!' Een korte blik op de mensen en de politiek, maar let wel, ik ken het land nog niet veel.
 
Ten eerste bestaat Playa min of meer uit vier delen: een rijk deel; een toeristisch deel; een arm deel; en de maffia/staat. De buitenwijken, daar zitten de rijken, de banken, en de grote Amerikaanse supermarkt Walmart. 'Schoon' zijn (veel deodorant spuiten) is zoals in veel arme zweterige landen een teken van sociale distinctie. De huizen zijn net en wit, ook al kan men de cucaracha's ook daar niet altijd buiten houden. De rijken zijn meer Amerikaans in hun voorkomen, en van afkomst blanker dan de gemiddelde bewoner.

Het toeristische deel is een aaneenschakeling van tamelijk identieke disco's, typische toeristenwinkeltjes met veel 'authentieke' spullen, zoals hoeden die inderdaad authentiek zijn, maar dan voor een ander deel van Mexico. Ook zijn er zaken die 'authentieke ambachtelijke bevroren yoghurt' verkopen, wat een een gruwelijk tegenstrijdige bewering is. De authentieke yoga en sapwinkeltjes zijn er vooral voor de Gringo's. Het verschil tussen namaak en echt is hier klein: het echte lijkt op het neppe, omdat men zich om echt te zijn conformeert aan een beeld dat men heeft van dat 'echt'. Anderzijds wil men toeristen het Mexico geven dat ze zoeken, dat ze 'kennen'. Aldus lijken delen van Playa del Carmen op een uitbundigere versie van een Center Parks centrum. Het toerisme drijft de prijzen flink op. Een biertje kost hier in een disco gauw €3,50. Dit is geen goedkope stad. Een andere reden is dat juist de afhankelijkheid van toerisme in deze regio betekent dat alles geimporteerd moet worden.

Tenzij men gaat naar de arme buurten. Hier zie je weinig banken, eerder lommerds. Het eten is hier simpel en ongezond: men is hier dik, waarover zo meer. Maar het is wel redelijk goedkoop in deze buurten, en naar mijn mening veel gezelliger. De aardigheid van het toeristische gedeelte, dat overal ter wereld in het toerisme wat schijnheiligs in zich heeft, maakt hier plaats voor hartelijkheid. Er is wat kleine industrie die levert aan onderhoudsbedrijven van auto's en dergelijke, er zijn bakkerijen en dergelijke. De transportsector is groot, vanwege de vele (goedkope) taxi's. Maar verder lijken de meeste armen te werken in het toerisme, bijvoorbeeld als ober of schoonmaker. Verder zijn er veel straatverkopers, die luidruchtig hun waar aanprijzen en naar het mij schijnt maar een kleine marge hebben. Honger, kwantitatief of kwalitatief, is hier gelukkig niet te zien.

De muzieksmaak is in de arme buurten veel beter dan in het toeristische gedeelte, waar vooral yuppenelectro wordt gedraaid. Er zou hier niets alternatiefs zijn, is mij aanvankelijk verteld. En blanken kijken je inderdaad maar vreemd aan als je als langharige metalhead een disco instapt: dit is niet echt geaccepteerd. Maar op de straatmarkt deed men daar wat minder moeilijk over. 'Metalll!!' riep een wat dikke marktkoopman toe, en hij gaf me de 'Evil Eye'. Iets verder was iemand zo hard naar Rammstein aan het luisteren, dat je het van 50 meter kon horen. In deze stad bestaan geen 'geluidsnormen'. Metallica is hier ook veel te horen. Vandaag was zelfs in een geluidswinkel Gabber te horen, typisch Amerikaanse Gabber uit midden jaren '90, ik geloof van DJ Delirium.

Maargoed, dat is natuurlijk hartstikke leuk, de Metal en Gabber is uiteraard maar een tamelijk klein deel van wat je te horen krijgt. In een goedkope en gezellige lokale disco werd iedereen wild, iedereen begon met elkaar te dansen en te zingen toen de smartelappen kwamen. Waar ging het over? Denk aan Andre Hazes. Qua instrumenten was het Carnavalsmuziek met wat meer blazers. De lol van iedereen was aanstekelijk en zat mijlenver van het gedrogeerde heen-en-weer gestap op yuppenelectro in de grote disco's. Verder is Salsa populair, maar dit en aanverwante stijlen wordt zo vaak gedraaid in de toeristische plekken dat het de meeste mensen hun neus uitkomt. Anderzijds is op Radio Pirata (106.3 FM) echt van alles te horen, van Salsa tot Gothic. Radio Pirata bespreekt ook het wereldnieuws, wat kennelijk niet als geheel oninteressant wordt gezien.

Nog even over eten: pas op voor alles met een 'T-factor': taco's, tortilla's, torta's (vette broodjes) en totopos ('tortillachips'). Daar wordt je gegarandeerd dik van. De tortilla is hard achteruit aan het gaan in Mexico. De vele lokale bakkers gaan voor goedkope, smakeloze, droge tortilla's om de winst te maximaliseren, is me gezegd. Tortilla's oude stijl, handgemaakt door oude vrouwen, schijnen wel een echte traktatie te zijn. Vooralsnog smaakt een tortilla hier niet naar de twee die in Nederland verkrijgbaar zijn, de Tex-Mex uit de supermarkt en de durum tortilla van de Turkse supers. Het is tragisch dat ze in Europa beter smaken. Men eet ze niet als wrap, maar zoals je roti eet, en daar lijkt het nog het meest op. Verder worden kruiden hier weinig gebruikt: vet, zout, zoet, pittig, daar draait het om.

Kom ik tot het volgende deel dat ik noemde: de maffia/staat. De regeringspartij PRI is overal zichtbaar. Op veel muren is geschilderd hoe 'Solidaridad', een organisatie van de lokale regering, allerlei goeds aanricht voor de gemeenschap. Een muurschildering op de waterzuivering, 20 meter van hier, vertelt hoe ze het water zuiveren voor de gemeenschap en het drinkbaar maken. De installatie produceert een bij tijd en wijle penetrante poeplucht, en het water kan je beter niet drinken. Andere muurschilderingen scheppen op van de investering van 16 miljoen euro die alle straatverlichting moderniseert, en ze van stroom voorziet via ingebouwde zonnecellen. 16 miljoen maar voor een stad zo groot als Zaanstad! Propaganda is duidelijk aanwezig in het straatbeeld, behalve in het toeristische deel.

Anderzijds is de afbeelding en of naam van de president overal aanwezig, mede vanwege de presidentsverkiezingen van vorig jaar. De verhouding PRI (de regeringspartij) tekens en oppositietekens (van de verschillende partijen opgeteld) schat ik op 20:1. Het is dan ook niet wijs je uit te spreken tegen de PRI, of je überhaupt politiek veel uit te spreken. Eén van de redenen hiertoe is de verweving van de staat en de Zeta's, één van de maffiaclans. De transportsector is goed 'georganiseerd'. Veel vrachtwagens en taxi's zijn voorzien van het teken van hun vakbond. De vakbond is gelieerd aan de PRI. De taxichauffeurs zijn echter hier nog meer dan in Amsterdam onderdeel van de onderwereld. Ik kan niet spreken over of ze het allemaal zijn, waarschijnlijk niet, maar het is vaak gezegd: ze zijn deel van de oren en ogen van de Zeta's en zijn loopjongens.

El Kondón liet vorig jaar een hotelbaas ontvoeren
en vermoorden omdat die niet betaalde
Er zijn hier twee grote clans, waarvan de Zeta's dus één. Samen met de andere eisen ze geld voor 'veiligheid' geld van ondernemers en hebben ze de drugshandel in handen. Je moet niet met ze fokken. De stad is onderling verdeeld. Maar recent is hier ook, in het spoor van de Italiaanse toeristen en de pizzatenten, de Siciliaanse maffia gearriveerd. Ik hou m'n hart vast over hoe die hun plek gaan bevechten hier, het is 'relatief' rustig hier. Iets verderop, op Avenido 5, valt te lezen op een muur: 'Jullie zoon heeft onze zoon vermoord. Jullie hebben hier het recht niet op, onze wraak komt nog'. Het noemen van de naam 'Zeta's' op straat is altijd aanleiding tot paniekerige reacties bij lokale mensen. Dit kan het best onbenoemd blijven. De politie is enorm corrupt. Als je iets fout doet en ze houden je aan, dan moet je 12 euro betalen en ga je vrijuit. Dat heeft z'n voordelen. Je kan ook pech hebben, dan wordt je beroofd door de politie. Ook met hun moet je niet fokken: ze patrouilleren de straten in pick-ups met machinegeweren.

Een andere prijs is: 70 euro voor een meisje van 10 neuken, maar ik heb ook gehoord dat het goedkoper kan. Als je dat te oud vindt zijn baby's ook te koop, ik ken iemand wiens ex-collega dit doet. Op goedkeuring kan dit niet rekenen, maar men is er verbazingwekkend weinig verontwaardigd over. Op misbruik reageert men tamelijk apathisch. Toen ik een barvrouw en een bewaker vertelde hoe iemand GHB in het drankje van een meisje gooide, om haar later te kunnen verkrachten, werd gezegd dat men wel wat beters te doen had. Zolang de zaak maar draait is het ok. Dus je mag geen wapens mee, want dat schaadt de zakenbelangen. Niet dat de bewakers het allemaal doorhebben, want die zijn net zo high als de klanten.

Mexico is niet één land: het zijn de Verenigde Staten van Mexico. Delen van de wereld die ooit tot Mexico behoren zijn te vinden van Californië tot Guatamala. Dit deel van Mexico, Yucatan, behoorde na de dekolonisatie tot de Republiek Yucatan. Samen met Honduras, Guatamala etc. is dit het Maya deel van Midden-Amerika. Centraal-Mexico is voornamelijk Azteeks wat originele bevolking betreft. Dit verschil wordt gevoeld, maar er is weinig tot geen separatistische gevoelens. De reden voor de verbinding met Mexico, althans die ik gehoord heb, is dat na de dekolonisatie Yucatan te ver van Mexico-Stad lag, en pas met de komst van de telegraaf en trein het logisch werd om één land te vormen en dat het Yucatan ook wel goed uitkwam.

Amerikaanse toeristen voor Veracruz in 1914
Etnisch zijn hier dus Maya's, Spanjaarden en of andere Europeanen en een mix daarvan. Het Maya wordt hier niet echt gesproken, ook niet door oude vrouwen. Men spreekt Spaans, dat is handiger. Sommigen kennen rudimentair Maya, zoals 'laten we gaan' of 'proost', maar ik ben het mijne inmiddels weer vergeten, het zijn lastige klanken. Dat bijna niemand meer 'puur' Maya is blijkt wel dat ik gister wat Maya leerde van ene Wilberg. Maya's, is me gezegd, zijn schuw en weinig ontwikkeld. De Azteken (waar ook bijvoorbeeld Olmec toe gerekend worden) van Centraal-Mexico zijn, is me gezegd, lomp en direct. In hoeverre dit klopt of samenhangt met verschillende economische en sociale factoren, zoals dat er 15 miljoen mensen wonen in Tenochtitlán, heb ik maar niet ingebracht, immers ken ik dit land niet goed genoeg. Men reageerde wel lacherig op hoe in het buitenland omging met de Maya-kalander: 'ach, het brengt vast wel meer toeristen hier'.

Mexico is een racistisch land. Hoe blanker, hoe beter. In Tenochtitlán (aka Mexico-Stad) kom je bijvoorbeeld niet overal binnen als je niet blank genoeg bent. Dit geld ook voor Mestizo (gemengden). Het racisme uit de koloniale tijden is dus nog niet verdwenen. Het is opvallend hoe, in bijvoorbeeld deze stad, hoe armer mensen zijn, hoe meer ze er uit zien als Maya's. Huidskleur heeft hier beperkt mee te maken: gezichtsbouw en lichaamsbouw laten ook je afkomst zien.

En dan die tekst Que los ricos paguen la CRISIS. Tsja, die zette ik natuurlijk bovenaan zodat al de IS'ers het artikel zouden lezen. Haha, ik je bij de neus. In hetzelfde handschrift las ik verderop 'Viva EZLN', maar ik heb niet echt hoogte kunnen krijgen van hoe men hier tegenaan kijkt. Me dunkt dat het een wat geïsoleerde actie was. Maar wat me wel duidelijk is geworden, is dat het hier wel om meer gaat dan alleen het toeristisch Sodom en Gomorra zijn, in tegenstelling tot het beeld dat ik eerst gehoord hebt. Politiek bestaat we degelijk, maar niet op de manier zoals men daar in Nederland mee bezig is, en op een nog lager niveau. Het is een aparte stad, maar ik zou er niet willen wonen. M'n stamkroeg staat immers in Amsterdam.

Het strand was wel helemaal de shit.

woensdag 3 oktober 2012

Samenzwering!! Obama richtte de taliban op!

De Rode Lynx heeft een samenzwering ontdekt. Obama heeft de Taliban opgericht!!!

Obama is een hippie. Hippies eten musli. Als je musli tweemaal achter elkaar schrijft, dan krijg je musli musli. Als je nu één letter verschuift dan krijg je muslim usli. Usli is USLI, van NASA: University Student Launch Initiative
Dus er staat Muslim University Student Launch Initiative. Muslim University is Madrassa. Student is in het Arabisch Talibe. 

Het mag duidelijk zijn. Obama is een hippie die via de NASA een programma heeft lopen dat luistert naar de naam Madrassa Taliban Launch Initiative. Obama heeft de Taliban opgericht.

Echt waar! Bovendien, toen ik 'obama' en 'taliban' in google afbeeldingen intikte, toen kreeg ik na zoveel hits de truck die jullie hierboven zien! DAT KAN TOCH GEEN TOEVAL ZIJN MENSEN! IK SCHRIJFT IN HOOFDLETTERS DUS HET IS WAAR! Vergeet niet voor het slapen gaan je aluminium hoedjes op te zetten.

Live uit de bosjes, dit was De Rode Lynx.


donderdag 9 augustus 2012

Ook acties hotelwerkers Amerika, zelfde problemen als wij hier

Stakende Hyatt hotelwerkers in september 2011
Een typische socialistische uitspraak is dat je meer overeen hebt met werkers aan de andere kant van de wereld, dan met de Nederlandse bazen of onze beminde politici. Het is dan ook interessant hoe vergelijkbaar werkomstandigheden zijn in verschillende landen. Terwijl we hier bij Bastion te hoop lopen tegen uitbuiting, respectloze behandeling en intimidatie, blijkt precies hetzelfde gaande te zijn in Amerika, waar ook flink actiegevoerd word.

‘Hyatt is de slechtste werkgevers in de hotelbusiness,’ stelt de Amerikaanse vakbond Unite Here. ‘Hyatt heeft zijn huishouders en andere hotelmedewerkers misbruikt en vervangt ervaren medewerkers met mensen met een deeltijdcontract die op minimumloon zitten. De overgebleven mensen krijgen vervolgens een gevaarlijk hoge werkdruk. De werkers van Hyatt hebben stevige stappen hiertegen genomen. Ze hebben de wantoestanden publiek bekend gemaakt, zijn gaan staken en hebben en wereldwijde boycotcampagne tegen Hyatt gestart. Duizenden mensen ondersteunen vanuit de lokale gemeenschappen de oproep Hyatt te boycotten. Door deze boycot kunnen we laten merken dat misbruik en uitbuiting van hotelwerkers niet genomen zal worden’.

Voor de beschuldigingen heeft Unite Here meer dan genoeg bewijs op hun actiepagina staan. Zo blijkt in augustus 2009 al het huishoudpersoneel in drie niet-georganiseerde hotels (dwz, geen vakbond aanwezig) in de buurt van Boston te zijn ontslagen. Deze mensen hadden soms decennia bij Hyatt gewerkt. De wrange humor van Hyatt blijkt eruit, dat het laatste dat deze mensen mochten doen in de hotels, het in werken van hun vervangers was. Deze nieuwe huishouders kregen minimum loon en hebben tijdelijke contracten.

Staker in San Antonio
Doordat deze nieuwe werkers zo hard moeten werken, en wel 30 hotelkamers per dag schoonmaken, gaat hun gezondheid en fysieke gesteldheid er op achteruit. In een al sector waar de gezondheid van werkers al veel te lijden heeft onder de werkdruk heeft Hyatt vervolgens ook nog de hoogste ziekte-uitval. En, wat bijzonder gebruikelijk is in de schoonmaak: als je klaagt over je behandeling dan kan je je boeltje pakken. De laan uit. Schluss. Voor jou tien anderen.

Een ander voorval: hotelmedewerkers waren aan het staken bij Hyatt in Chicago tijdens een hittegolf. Het was 38 graden. Vervolgens zet Hyatt doodleuk hittelampen op zijn eigen werkers. Met name in september vorig jaar lijkt er veel gestaakt te zijn. Op het moment wordt er nog veel actiegevoerd en is zeker één vestiging in staking. Acties zijn al jaren gaande.

Het verhaal zal iedereen bekend in de oren klinken, alhoewel natuurlijk alles in Amerika wat heftiger is dan hier. De verschillen tussen werkers in verschillende landen zijn niet zo groot als de rechtse politici ons willen doen geloven. We hebben veelal dezelfde levens, dezelfde sores, en die worden veroorzaakt door hetzelfde slag mensen. Wij werkers zijn eigenlijk allemaal elkaars broeders. Samen staan we sterk. Verdeeldheid, daar profiteren de bazen alleen maar van. Dus: solidair met de hotelwerkers van Hyatt! Hun strijd, onze strijd, internationale solidariteit!

dinsdag 5 juni 2012

De staatsschuld: een geraffineerde diefstal

 
Eerder schreef De Rode Lynx over waarom de staatsschuld geen goed argument kan zijn om nu drastisch te gaan bezuinigen. Er is echter nog een andere manier om er naar te kijken, vanuit welk perspectief de staatsschuld weinig anders is dan een bijzonder geraffineerde diefstal.

Eerst een analogie. In Amerika zijn de lonen van arbeiders vanaf pakweg begin jaren '70 niet gestegen in reële termen, en de laatste jaren zelfs gedaald. In reële termen betekent hier zoveel als hoeveel het werkelijk waard is, dus na prijscorrecties door bijvoorbeeld inflatie, oftewel, hoeveel je terugkrijgt voor een uur werk. Dus arbeiders hadden evenveel of minder geld te besteden. Het was echter wel de bedoeling dat de arbeiders meer gingen consumeren en dat deden ze ook. Maar in plaats van dat de toegenomen consumptie werd betaald dankzij een toegenomen inkomen, werd het betaald met toenemende schulden. Arbeiders leenden, en massaal ook.

Van wie leenden zij dan? Banken, natuurlijk, en creditcardmaatschappijen en andere kredietverstrekkers. Wie waren naast de banken nieuwe spelers achter dat krediet? Het is een geen toeval dat enorme bedrijven als General Motors, die hun arbeiders dus minder gingen betalen, financiële takken gingen opzetten. GM deed dit bijvoorbeeld in 1992, maar General Electric heeft ook zijn financiële arm, enzoverder. Zij gingen nu ook lenen aan de arbeiders. In feite kan je zeggen dat, in plaats van dat de kapitalisten hun arbeiders een goed en jaarlijks groeiend loon toe kenden, gaven ze een lager loon en mochten de arbeiders de rest van hun baas bijlenen. Dit basale feit, gecombineerd met een speculatieve huizen en vastgoedbubbel, legde de basis voor de kredietcrisis.

File:Nl-staatsschuld-1946-2001.png
Absolute Nederlandse Staatsschuld van 1945 tot 2001
Wat heeft deze kwajongensstreek, die toch wel een bijzonder geraffineerde diefstal valt te noemen, te maken met de staatsschuld? Alles. Sinds midden ’70 neemt de belastingdruk op de kapitalisten en bedrijven af in Nederland. De bourgeoisie en de bedrijven wilden namelijk telkens minder betalen aan de staat, net als de Amerikaanse bedrijven minder wilden betalen aan hun arbeiders. Net als dat de Amerikaanse bourgeoisie vervolgens op een enorme schaal geld begon te lenen aan de Amerikaanse arbeiders, ging de Nederlandse bourgeoisie (samen met de pensioenfondsen) enorme hoeveelheden geld uitlenen aan de staat. Dit valt hierboven te zien in een grafiek van Wikipedia.

Dus in plaats van dat de bourgeoisie het gaf (via belastingen) leende ze het via de staatsschuld. Hun voordeel: de staat krijgt alsnog het geld en kan het uitgeven, onder andere aan bedrijven, en dat stimuleert de economie. Maar omdat het een lening is, krijgt de bourgeoisie het later weer terug, met rente! Een briljante truuk. Wel de lusten, maar niet de lasten. Iets vergelijkbaars gebeurde in vele Europese landen.

In 2011 betaalde de Nederlandse staat 11,3 miljard euro aan rente op de staatsschuld. Wie krijgt dit geld? Dat gaat voor een belangrijk deel direct naar de bourgeoisie. Dus voor wie is dit nu echt slecht nieuws dat die staatsschuld inmiddels de 400 miljard euro is gepasseerd?

Maar nu komt de echte grap. Toen de crisis uitbrak huilde de bourgeoisie ‘Overheid, help ons, help ons!’ Jarenlang moest alles geprivatiseerd worden, moest alles via de markt lopen, je kent het. Als een klein kind huilde de internationale bourgeoisie om miljarden, nee, zelfs biljoenen (voor de duidelijkheid: 12 nullen). De staat sprong bij en strooide miljarden uit over de bankensector, de wegenbouw, de metaalindustrie enzoverder. Waar kwam dat geld hiervoor vandaan?

Een deel werd direct gestolen van de arbeiders, zoals bij de bekostiging van de deeltijd-ww. Dat was een prachtplan. Bij een afnemende hoeveelheid werk werd dit werk verdeeld onder de arbeiders op een werkplaats, zodat de baas zijn vaklui niet hoefde te ontslaan, want hij kon ze later nog goed gebruiken ‘na de crisis’ (dat laat nog op zich wachten…) Het gat dat ontstond in de inkomens van de arbeiders werd aangevuld met geld uit de ww-potten. Deze potten hadden de arbeiders zelf gevuld. Oftewel, sigaar uit eigen doos voor ons, en de baas trekt een lange neus.

Het gros van het geld leende de staat echter, op de markt. En wie is die markt? Dat is de bourgeoisie…..Dus de staat leende van de bourgeoisie om het uit te geven aan de bourgeoisie, en ze het geld later weer met rente terug te betalen. En een paar jaar later klaagt diezelfde bourgeoisie dat de staatsschuld te hoog is, en dat daarom de arbeiders langer moeten werken voor minder en dat de sociale voorzieningen nog verder afgebouwd moeten worden.

Vandaar: een geraffineerde diefstal.

File:Staatsschuld pct bbp.PNG
Relatieve Nederlandse staatsschuld 1925-2011
Er valt natuurlijk veel meer te zeggen over de staatsschuld, dit is niet het hele verhaal. Hier is één aspect er van uit gelicht om dat te verduidelijken. Eén reden waarom dit artikel eenzijdig is, is omdat het slechts de inkomstenkant van de staat bekijkt. Opmerkelijk is natuurlijk ook dat in een vorig artikel werd gezegd dat de staatsschuld niet opgelopen is, terwijl hier wordt beweerd dat de schuld wel is opgelopen. Beide beweringen zijn waar. In euro’s gemeten is de staatsschuld bijna ieder jaar toegenomen omdat de staat meer uitgaf dan hij binnenkreeg. Dat is de absolute staatsschuld. Maar meestal wordt die gemeten relatief ten opzicht van het BNP, en aangezien de economie over het algemeen groeit, kan dus zelf bij een begrotingstekort de staatsschuld ten opzichte van het BNP afnemen, mits het BNP sneller groeit dan de staatsschuld. Zie het plaatje hierboven.

Overigens: het kan natuurlijk goed dat de Rode Lynx er volledig naast zit. Als je het er niet mee eens bent, of wat aan te vullen hebt, laat dat dan horen!

zaterdag 5 mei 2012

Marshallhulp: propaganda, mythes en een vergeten oorlog

Het Marshallplan: vreedzame ontwikkelingshulp of Koude Oorlogsvoering?
Het is 'bevrijdingsdag'. De dag hangt aan elkaar van leugens en propaganda. Socialisme.nu legt uit dat WO II bepaald niet een 'goede oorlog' was en het de geallieerde regering ook niet om vrijheid was te doen. Hierdoor geïnspireerd publiceer ik hier een licht aangepaste inleiding bij een onderzoek naar de Marshallhulp propaganda uit 2010. Het kijkt naar de relatie van de Nederlandse na-oorlogse economie, de geopolitieke spellen, en de Marshallhulp. Ook hier blijken de nodige mythes rondom te bestaan. 

Laten we bovenal niet vergeten dat op het moment dat wij 'bevrijd' waren, Nederland nu wederom vrij was de vrijheid van anderen te ontnemen, met name die van de Indonesiërs tijdens de gruwelijke 'politionele acties'. Het volgende maakt soms een beetje snelle sprongen, maar bevat zeker nuttige informatie over na-oorlogs Nederland en nuanceringen van het dominante beeld hiervan.
In de propaganda rondom het Marshallplan zelf en uit onze tijd komt het beeld naar voren dat Europa op een haar na vernietigd was na de oorlog en nog amper levensvatbaar.[1] Enige nuance lijkt op zijn plaats. Het blijkt dat dit beeld deels verzonnen is door marshallplan propagandisten om het marshallplan aan beide zeiden van de Atlantische Oceaan aantrekkelijker te maken. John Killick maakt in zijn The Unites States and European reconstruction een aantal interessante statistisch onderbouwde opmerkingen hierover.[2]
            Dit wil echter geenszins zeggen dat de Nederlandse economie er goed voorstond, alhoewel de Nederlandse economie als een van de weinigen in de eerste jaren van de Duitse bezetting nog was gegroeid. De vernietiging en leegroof van Duitsland door de geallieerden direct na de oorlog deed de Nederlandse economie grote schade toe. Doordat Duitsland als handelspartner wegviel, met name voor de specifieke import van machinerie, moest Nederland gaan importeren vanuit met name de VS, wat noodzakelijk leidde tot een dollartekort. Daarnaast was er de oorlogsschade in Nederland zelf.[3]
            Tegelijkertijd was de Nederlandse economie nog weerbarstig. Het was in staat om de grootste Nederlandse oorlogsinspanning ooit te leveren, na de grote depressie van de jaren 30, na de oorlog, in Nederlands-Indië. Het is waar dat een groot deel van de troepen ter plekke gefinancierd werden door de koloniale autoriteit, maar in Nederland werden grote kapitaalheffingen opgelegd om de oorlog te bekostigen. Die bedroegen tot wel de helft van het BNP, dus populair gezegd 'de helft van de economie', in 1949.[4]
            Na de oorlog was Nederland een van de meer succesvolle economieën in Europa. Reeds in 1947 werd het niveau van het goede vooroorlogse jaar 1938 bereikt; in 1950 zat zat men 50% daarboven. Deze kracht maakte de kapitaalheffingen mogelijk. Deze kapitaalheffingen bedroegen in de periode 1946 t/m 1949 de helft van de ontvangen hulp. Hierbij dient nog in rekening gebracht te worden, dat Nederland relatief vrij veel hulp ontving.[5]
            In 1949 viel een belangrijke peiler onder de Nederlandse welvaart weg. De dieptestructuur van de Nederlandse economie werd voor belangrijke deel bepaalt door de driehoeksverhouding Nederlands-Indië - Nederland - VS. Zo hadden bijvoorbeeld de koloniën een handelstekort met Nederland, waarmee onder andere het handelstekort met de VS kon worden opgevangen.[6] Hier was de regering van doordrongen, wat mede aanleiding was tot een dergelijk harde oorlogsvoering. Nederlandse bedrijven vuurden hen hierin aan. De eerste 'politionele actie' heette niet toevalligerwijs operatie product.[7]
            December 1948 maakte de VS nog duidelijk op twee momenten dat de Marshallhulp afgeblazen zou worden mocht Nederland de nieuwe republiek Indonesië de oorlog verklaren. Niet omdat de Amerikanen zo van de Indonesiërs hielden; het ging om de dreiging van 'het communisme'. De Nederlandse regering hield vol dat zij het communisme het beste kon bestrijden in Indonesië, wat uiteraard een spook was dat over de onafhankelijkheidsstrijd van Indonesië hing. Toen Nederland echter niet langer de bevolking eronder bleek te kunnen houden, en de Republiek Indonesië aantoonde zelf communistenjagers te zijn, schaarde de VS zich achter de Republiek Indonesië. Zij werden gezien als een belangrijker bondgenoot dan Nederland in de regio. De Nederlandse regering, aangevoerd door Vadertje Drees, negeerde de Amerikanen en zette door met de oorlog (en kreeg uiteindelijk toch de hulp).[8] Het suggereert dat Nederland lang niet in een dergelijk afhankelijke relatie stond tot de VS als vaak gesuggereerd wordt in de eerste jaren na de oorlog.
            De onafhankelijkheid van Indonesië veroorzaakte een complete omdraai in de Nederlandse wederopbouwstrategie. De dieptestructuur was namelijk fundamenteel veranderd. Een maand na de onafhankelijkheid verscheen dan ook de eerste industrialisatienota. Voor deze strategie was Nederland volledig afhankelijk van de VS, omdat het als enige in staat was de benodigde machinerie, expertise en kapitaal te kunnen leveren.[9] De machtsrelaties tussen Nederland en de VS kristalliseerden dan ook pas uit in 1949. Nu past Nederland het meer in het 'algemene beeld' dat geschetst wordt. Nu heeft het ook een onderdanige houding richting de VS.
         Een anderen belangrijke overweging voor de Nederlandse staat wordt tevens door Killick aangestipt:

'Dutch official oppinion  was that the Marshall-plan came just in time to avoid a disaster. The economy would not have collapsed without the ERP, but there would have been no increases in consumption for many years. The post-war concensus did accept a long period of restraint to put the economy right, but it is doubtfull whether public oppinion would have accepted even more privation without radical political change. American assistance was very helpfull therefore, in taking Holland through this difficult period and allowing the recovery to continue.'[10]

Killick legt de nuance net anders dan ik, maar raakt wel een belangrijk punt. Het marshallplan, vond ook de Nederlandse regering, was niet essentieel in het overeind houden van de economie, maar essentieel in het voeren van een succesvolle kapitaalaccumulatie en productieverhogingspolitiek. Dit, mede als poging vanuit de heersende klasse om de macht in handen te houden. Na de jaren van leiden wilde het publiek welvaart. Met de Russen in Berlijn kon de Nederlandse regering maar beter de Nederlanders de worst voorhouden, dat men ook welvarend kon zijn onder het kapitalisme. Hiervan was de regering overtuigd en zeer open over.
            Met de uitbraak van de Korea oorlog in 1950 veranderde de situatie echter wederom drastisch. Alhoewel de Europese industrie profiteerde van de toegenomen Amerikaanse vraag wegens het opnieuw uitdijende Amerikaanse leger, werden ook de prijzen sterk opgedreven. De VS wenste dat Europa zich zou herbewapenen opdat het hun kon gebruiken bij de oorlogen en conflicten die ze hadden. Daarnaast zou het EHP (Europees HerstelProgramma) in 1951 aflopen.[11]
            Als reactie hierop werd de hulp veranderd en verlengt via de Mutual Security Act in 1951. De hulp was nu minder op economische, meer op militaire doeleinden gericht. Daarnaast was het meer korte termijn gericht dan de eerdere hulp. De oorlog in Korea verscherpte tevens de tweedeling Oostblok - NAVO, waarbij de laatste zich ook telkens meer als 'de vrije wereld' begon te definiëren.[12]




[1] Zie bijvoorbeeld Pien van der Hoeven, Hoed af voor Marshall. De Marshallhulp aan Nederland (Amsterdam 1997) of R.T. Griffiths, P.A. Schregardus et al (red), Van strohalm tot strategie, het Marshall-plan in perspectief (Assen 1997).
[2] John Killick, The Unites States and European reconstruction 1945-1960 (Edinburg 1997), 84. Killick beschrijft hoe bewust fraude werd gepleegd met het economische onderzoek achter het marshallplan.
[3] Killick, The Unites States and European reconstruction, 50.
[4] Killick, The Unites States and European reconstruction, 125-126.
[5] Ibidem.
[6] Gerlof D. Homan, The Netherlands, the United States and the Indonesian Question, 1948 in Journal of Contemporary History vol. 25 nr.1 (Londen 1990) 124-126.
[7] van der Hoeven, Hoed af voor Marshall, 41-42.
[8] Homan, the Indonesian Question, 132-136.
[9] Killick, The Unites States and European reconstruction, 65-69
[10] Killick, The Unites States and European reconstruction, 125-126.
[11] Ibidem, 95-96.
[12] Michael J. Hogan, The Marshall Plan: America, Britain, and the reconstruction of Western Europe, 1947-1952 (Cambridge 1987), 378-381.

maandag 16 april 2012

De gruwelijke slachting van Fallujah

Fallujah is altijd een begrip geweest voor de sadistische slachtingen die het Amerikaanse leger in Irak aanrichtte. In 2004 is zwaar gevochten om de stad. De feiten waren te schokkend om te begrijpen. Als je hoorde wat gebeurde sloot je je mentaal voor een deel af. En dan lees je dit, in 2012. Het resultaat van de chemische aanvallen:

'Op een scherm toont hij (de doctor) foto's van kinderen zonder hersenen, zonder ogen of met hun ingewanden buiten het lichaam.'

'toenames van kanker, leukemie en babysterfte en afwijkingen van de normale man/vrouw-verhouding bij geboorte in Fallujah significant groter dan bij de overlevenden van de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki in 1945'

En dit is hoe een van de slachtoffers er uit zag.

De witte fosfor brandt door het vlees. Het is te hopen dat hij van de impact dood was, en niet heeft hoeven voelen hoe de Amerikaanse chemische wapens langzaam zijn levend vlees verteerden. Is er iets gruwelijkers te bedenken? Het enige wat wellicht nog erger is zijn de experimenten van Mengele.

Gaza dient vaak hetzelfde doel: testlab voor nieuwe wapens.